|
Praktijkcentrum Sterksel
Het praktijkcentrum voor innovatie in de varkenshouderij te Sterksel is als eerste in Nederland gestart met mestvergisting op boerderijschaal. Daarnaast heeft men een warmtepomp in bedrijf en zijn er forse besparingen op energie bereikt door een nieuw ontwikkeld ventilatiesysteem (een ondergrondse luchtinlaat).
ProjectbeschrijvingHet praktijkcentrum in het Brabantse Sterksel heeft, met 300 zeugen en 2400 vleesvarkens, de grootte van een gemiddelde moderne varkenshouderij. Dat maakt het des te interessanter dat men hier, begin 2002, een project gestart heeft dat duurzame elektriciteit en warmte uit de varkensmest haalt. De mestvergister is niet de enige maatregel die men genomen heeft op het gebied van energie en milieu. De praktijkexperimenten op dit gebied hebben te maken met veranderingen in het beleid. Welzijn van het dier heeft nu de eerste aandacht, gevolgd door energie en milieu. Deze drie gaan samen in het ontwerp van de nieuwe stallen, die in Sterksel zijn gebouwd. Zo is het vloeroppervlak per dier met meer dan 40% toegenomen. Ook is het klimaat in de stallen verbeterd door een heel andere manier van ventileren. Traditioneel werd verse lucht van boven ingevoerd, deze lucht mengde zich vervolgens met de bestaande stallucht. Nu wordt de lucht van onderen ingebracht en verdringt deze de aanwezige lucht naar boven. Het resultaat is een schonere lucht in de stal en daarbij toch een veel lager energieverbruik, doordat er minder ventilatielucht nodig is. Verder wordt de ventilatielucht 's zomers door de bodem gekoeld en 's winters door de bodem opgewarmd. De stallen zijn voorzien van vloerverwarming. Deze warmte wordt gedeeltelijk geleverd door een warmtepomp, die warmte onttrekt aan het grondwater. Door de relatief lage temperatuur van een vloerverwarmingssysteem, kan een warmtepomp een hoog rendement bereiken.
De kelder onder de nieuwe stal is met een diepte van 80 cm veel ondieper en goedkoper te bouwen dan de gebruikelijke kelder met een diepte tot 2 meter. De drijfmest wordt in deze nieuwe kelder veel sneller uit de stal afgevoerd. Dit is gedaan om de opbrengst van biogas uit de mest te verhogen, maar dit heeft ook een ander belangrijk milieuvoordeel. Door deze constructie wordt de emissie van ammoniak sterk gereduceerd aangezien het emitterend mestoppervlak kleiner is dan bij een conventionele kelder. De drijfmest wordt verpompt naar een mestsilo, waarin verwarmingsbuizen en een gaszak zijn ondergebracht. De mest wordt op een temperatuur van 35 ºC gebracht, de ideale temperatuur voor bacteriën om de organische stoffen om te zetten. Deze bacteriën produceren biogas, een mengsel van methaan en kooldioxide. Dit biogas wordt in Sterksel gebruikt als brandstof voor een kleine wkk met een gasmotor. De wkk produceert duurzame elektriciteit, die met groencertificaat wordt verkocht. De warmte van de motor wordt gedeeltelijk gebruikt voor verwarming van de mest en verder voor verwarming van de stallen en kantoren van het praktijkcentrum. Het elektrische vermogen van de wkk is 37 kW. Hiernaast werkt het praktijkcentrum, om nog dichter bij zelfvoorziening te komen, ook nog aan plannen voor het gebruik van zonne-energie.
MilieuvoordelenMestvergisting is aantrekkelijk, omdat hiermee duurzame elektriciteit en warmte kan worden geproduceerd. Maar mestvergisting heeft ook nog andere milieuvoordelen. Door de snelle afvoer van de verse mest in de aangepaste kelders, komt er veel minder methaan en ammoniak vrij in de buitenlucht. De vergiste mest zelf geeft ook veel minder geuroverlast. Tevens is het voor de plantengroei oninteressante koolstof door de bacteriën verwerkt tot brandstof en wordt de stikstof makkelijker opneembaar voor de plant door het vergistingsproces. Het centrum gaat veldonderzoek doen om dit positieve effect op de mestwaarde in de praktijk te kunnen beoordelen. Het zuinige ventilatiesysteem en de warmtepomp met vloerverwarming leveren besparingen op t.a.v. energieverbruik en uitstoot van het broeikasgas CO2.
AandachtspuntenDe ontwikkeling van de mestvergisting wordt vooral gestimuleerd door de extra opbrengsten uit duurzame elektriciteit. In landen als Duitsland en Denemarken is dankzij speciale terugleververgoedingen voor duurzame elektriciteit al een groot aantal installaties gebouwd. Hier wordt ook veel gebruik gemaakt van co-vergisting, waarbij tegelijk met de mest bijvoorbeeld ook bermgras en afgewerkt frituurvet wordt vergist. Dit maakt een aanzienlijk hogere gasproductie mogelijk. De Nederlandse regelgeving is voor covergisting nog niet ontwikkeld. Wel is er inmiddels in Nijverdal een demoproject voor varkensmest met bermgras in bedrijf. Het biogas bevat veel waterdamp en ook wat H2S. Dit laatste wordt tegenwoordig door injectie van wat buitenlucht neergeslagen. Het gas wordt enigszins gedroogd door koeling van het gas tot de grondtemperatuur, waarna het gas door een waterafscheider wordt gevoerd voor het de gasmotor in gaat. |